Deelfietsen: delen = lief, maar niet teveel graag

Deelfietsen: delen = lief, maar niet teveel graag

LEIDEN – Delen is helemaal hip. Supermooi en idealistisch en alles, maar soms groeit het toch wat uit de spreekwoordelijke klauwen. Neem nu bijvoorbeeld de deelfiets. Gemeente Leiden pakt dit fenomeen aan in de nieuwe algemene plaatselijke verordening. 

Klinkende knaken

Uber, Airbnb; initiatieven die vanuit het idealistische principe zijn ontstaan dat delen lief is, maar uiteindelijk worden er hopen klinkende knaken mee verdiend. De deelfiets lijkt nu diezelfde kant op te gaan. Het principe is vriendelijk bedoeld: je pakt een fiets wanneer je er één nodig hebt, en als je uitgefietst bent laat je hem weer achter voor de volgende gebruiker. Hiervoor betaal je een klein bedrag. Soms per keer dat je hem gebruikt, soms per maand als een soort abonnement. Zoiets als het Witte Fietsen Plan van de Provo’s in de jaren ’60, zeg maar.

Amsterdamse scenario’s

Het nadeel is dat de deelfiets-startups als paddenstoelen uit de grond schieten en de fietsen dus in grote getale staan te wachten op een gebruiker. In de openbare ruimte. Waar al vrij veel fietsen staan. In Amsterdam staan ze rijen dik op de bruggen en maken straten moeilijk begaanbaar. Gemeente Leiden heeft daar geen zin in en probeert Amsterdamse scenario’s voor te zijn door de deelfietsen mee te pakken in de nieuwe APV.

Nieuwe APV

Wie deelfietsen in de stad wil gaan neerzetten moet daarvoor eerst toestemming vragen bij de gemeente Leiden, zo staat te lezen in de nieuwe APV, de algemene plaatselijke verordening. Het gemeentebestuur is helemaal vóór delen en flink fietsen, en dus voor het principe van deelfietsen, maar wil wel voorkomen dat ze zomaar overal in de stad komen te staan. Daarom gaat Leiden speciale plaatsen aanwijzen voor de deelfietsen, en nadenken over hoeveel fietsen een bedrijf maximaal mag neerzetten in de openbare ruimte.

Foto: Flickr

reacties